150 jaar telefoon: dankjewel Graham Bell voor 150 jaar ellende

Vandaag is het 150 jaar geleden dat Alexander Graham Bell voor het eerst belde. En dat hij bedacht dat de rest van de mensheid ook behoefte zou hebben aan een apparaat waarmee je op elk moment van de dag gestoord kon worden. Een revolutionaire gedachte, zeker. Maar zoals bij veel revolutionaire gedachten had niemand gevraagd om die revolutie. Bell had net zo goed een machine kunnen uitvinden die willekeurig mensen grijpt en hun hoofd tegen de muur ramt. Dat had een stuk humaner geweest.

De telefoon begon als een technisch wondertje. Geluid door een draad! Communicatie over afstand! Maar de echte innovatie was natuurlijk dat Bell een manier vond om de rust van de gewone man permanent te saboteren. De eerste slachtoffers waren de mannen in de kroeg. Tot die tijd was de kroeg een veilige zone: een plek waar je kon verdwijnen, waar de tijd vloeibaar was, waar je drinken niet als een probleem gezien werd en waar niemand je kon vinden tenzij ze fysiek binnenkwamen. Maar toen kwam Bell. En ineens kon het vrouwmens bellen. Niet om iets belangrijks te melden, maar om te vragen waar je bleef, of je nog lang bleef, en of je wist dat jullie morgen naar haar moeder moesten. De telefoon maakte van de kroeg een uitbouw van de woonkamer, compleet met toezicht.

Daarna kwamen de werkgevers. Voorheen kon een werknemer na werktijd gewoon ophouden te bestaan. Maar dankzij Bell werd je bereikbaar. Altijd. Overal. De grens tussen werk en privé verdampte sneller dan een Duveltje in Zuid-Limburg. De telefoon maakte van elke werknemer een soort reserveonderdeel dat op elk moment kon worden opgeroepen. “Kun je even inloggen?” “Kun je even langskomen?” “Kun je even…?” Nee. Eigenlijk niet. Maar dankzij de telefoon werd “NEE!” een theoretisch concept.

En alsof dat nog niet genoeg was, kwam de telefonische verkoop. Een plaag die zich sneller verspreidde dan enig virus. Mensen met een raar en vooral niet-Nederlands accent die je belden om je iets te verkopen dat je niet wilde, niet nodig had, en niet eens kon uitspreken. Energiecontracten, loterijen, pannensets. De telefoon werd een open riool waar commerciële ellende doorheen stroomde, rechtstreeks je huiskamer in.

Na 150 jaar is de conclusie helder: Bell heeft de gewone man niet verbonden, maar opgejaagd. Hij heeft geen communicatie verbeterd, maar stilte vernietigd. Hij heeft geen vooruitgang gebracht, maar de permanente ellende van bereikbaarheid. En toch vieren we vandaag zijn verjaardag. Alsof we een tiran feliciteren met een jubileum.

Maar goed. Gefeliciteerd, telefoon. Op naar de volgende 150 jaar ellende.


Posted

in

,

door

Comments

Plaats een reactie