Zittend plassen feminisme

De gewone man staat onder druk. De gewone man doet de laatste decennia niet anders dan concessies. Hij moet de was op kleur sorteren, de vaatwasser op volgorde in- en uitruimen, hij heeft huishoudelijke taken, hij loopt achter de kinderwagen, hij heeft de afstandsbediening afgestaan en om de lieve vrede te bewaren, doet hij alsof hij verschil proeft tussen twee soorten olijfolie.

En sinds enige tijd wordt de gewone man tegenwoordig min of meer gedwongen om zittend te plassen. IWIH hoorde onlangs weer een plasdiscussie door vrouwen met een inwendige pH-waarde van 3: ‘Voor de gezondheid.’ ‘Voor de prostaat.’ ‘Voor de hygiëne.’ ‘Voor de sfeer in huis.’ Het is hetzelfde soort vrouwen dat beweert dat quinoa ‘vult’, een smoothie een volledige maaltijd is of dat avocado lekker smaakt.

Volgens IWIH is het simpel: De man staat. Punt. Dat is geen mening, dat is een oerrecht. Een basisvoorziening. Een klein stukje vrijheid dat hem nog rest in een wereld waarin hij al drie soorten recycling moet onthouden en een mening moet hebben over kussens op de bank.

En dan dat verwijt dat hun man ‘niet meewerkt’. Terwijl die plasfeministen nooit, echt nooit, de bril omhoog doen. Dat is dan weer zijn taak. Zijn verantwoordelijkheid. Zijn schuld. IWIH vraagt zich af wanneer precies is afgesproken dat de wc‑bril een soort morele test is geworden.

IWIH weigert. Niet uit koppigheid, maar uit principe. Iemand moet het opnemen voor de gewone man. De man die zoals gezegd genoeg concessies doet.

Dus ja, hij blijft staan. Al spat het soms terug. Daar hebben ze mooie doekjes voor bedacht, uiteraard in een kleur die hem eraan moet herinneren dat hij fout zit.

Want als hij nu ook al moet gaan zitten, wat blijft er dan nog over? Dan kan hij net zo goed meteen een abonnement nemen op geurkaarsen, een cursus intuïtief dansen en zijn eigen gesmede sieraden gaan dragen.

Dus mannen, blijf alsjeblieft staan voor ons laatste beetje waardigheid!

Plaats een reactie