
Er duikt met enige regelmaat een groepje halfzachten op dat terug wil naar de gulden. Ze kijken er ook altijd een beetje dromerig bij, alsof ze heimwee hebben naar een tijd waarin ze alles nog begrepen: een brood kostte een gulden, een huis een ton, en niemand wist wat een wisselkoersrisico was. Het is dezelfde blik die je ziet bij mensen die beweren dat een petroleumkachel “vroeger gezelliger was”. Nostalgie is een machtig ding, maar zelden een economisch beleidsinstrument.
Het idee dat Nederland probleemloos terug kan naar de gulden is ongeveer even realistisch als denken dat je je ruzie met je wijf oplost door weer bij je ouders te gaan wonen. Ja, het voelt vertrouwd, maar je zit binnen een week weer aan de stamppot en de huisregels. En in dit geval: aan een munt die internationaal net zoveel gezag heeft als een kortingsbon van de Vroom & Dreesmann.
Want laten we het even droog doornemen. Import wordt duurder. Veel duurder. Nederland haalt vrijwel alles van buiten de landsgrenzen, van medicijnen tot telefoons tot de grondstoffen voor je dagelijkse bammetje. Een nieuwe gulden zonder reputatie betekent een zwakke munt, en een zwakke munt betekent dat je voortaan 14 gulden betaalt voor een paprika. En dan hangt het er nog vanaf of je rood of geel wil.
Voor exporteurs wordt de werkdruk misschien wat minder hoog. Contracten worden duurder, risico’s groter, en buitenlandse klanten gaan zich afvragen of Nederland misschien een soort economisch experiment is geworden. Multinationals houden niet van verrassingen. Die willen stabiliteit, geen munt die elke ochtend een paar procenten minder waard kan zijn.
En dan je spaargeld. Dat wordt omgezet tegen een koers die door politici wordt bepaald. Politici. De mensen die al moeite hebben met het organiseren van de vleesvrije jaarlijkse barbecue op het Binnenhof. Je pensioenfondsen? Die mogen voortaan indexeren op basis van de stand van de gulden, de rente en de astrologische verwachtingen.
Terug naar de gulden is geen plan. Het is een gevoel. En gevoelens zijn prachtig, maar niet wanneer je er een economie op moet laten draaien. Nostalgie is leuk voor je jaren-80 muziek, oude fotoalbums en misschien een retroshirt. Als we teruggaan naar de gulden, gaan we qua vooruitgang ook terug in de tijd.