De aarde warmt niet op !!1!!!11!1!!

Er bestaat een bijzonder soort klimaatontkenning die zo hardnekkig is dat je bijna zou denken dat het een nieuwe natuurkracht is. Niet de zwaartekracht, niet de thermodynamica, maar pure, onvervalste ontkenkracht. Je kunt mensen tot hun kruin in het water zetten, hun tuin laten veranderen in een privé-wadloopgebied, en toch blijft het refrein hetzelfde: “Nee hoor, dit is gewoon een nat jaar. Heeft niks met klimaat te maken.” Alsof de zee spontaan besloten heeft om een paar meter op te schuiven uit pure verveling.

Het mooiste, of misschien eigenlijk het meest tragikomische, is hoe elke koude dag wordt behandeld als een wetenschappelijke doorbraak. Twee dagen vorst? “Zie je wel! De aarde warmt helemaal niet op!” Alsof duizenden klimaatwetenschappers wereldwijd al twintig jaar op het punt stonden om hun laptops dicht te klappen, maar gelukkig kwam er een nachtje min drie in Zuid-Limburg om hun levenswerk te corrigeren. Wat een opluchting moet dat zijn geweest.

En dan dat eeuwige verwarren van weer en klimaat. Je kunt het uitleggen met grafieken, met analogieën, met poppetjes, met handgebaren, met een PowerPoint die zelfs een kleuter zou begrijpen. Maar nee: als het vandaag koud is, dan is dat volgens hen een definitief bewijs dat de aarde niet opwarmt. Punt. Einde discussie. Klimaatmodellen? Satellietmetingen? Smeltende ijskappen? Ach, allemaal leuk en aardig, maar je hebt zelf gezien dat het vanochtend gevroren heeft. Case closed.

Het is alsof je tegen iemand zegt dat hun huis in brand staat, en ze antwoorden: “Nee joh, de zolder is nog droog, dus er is geen brand.” Ondertussen staat de woonkamer in lichterlaaie, maar zolang hun 65 inch televisie nog niet smeult, is er niets aan de hand. En als je dan wijst op de rook die onder de deur door komt, krijg je te horen dat rook ook gewoon in de natuur voorkomt.

De gevolgen van klimaatverandering zijn inmiddels zo zichtbaar dat je er bijna over struikelt. Overstromingen die vroeger eens per eeuw voorkwamen, zijn nu een soort seizoensgebonden evenement. Hittegolven die elkaar opvolgen alsof ze in de wachtrij staan. Bossen die in brand vliegen alsof ze een hekel hebben aan hun eigen bestaan. Maar toch blijft een deel van de mensen doen alsof het allemaal toevallig is. Een samenloop van omstandigheden. Een kosmische grap. Een fase. De aarde is gewoon even in de war. Dinosaurussen hadden het ook weleens warm.

En dan heb je nog de categorie die denkt dat klimaatverandering een soort abonnement is dat je kunt opzeggen. “Ik geloof er niet in.” Alsof het een streamingdienst is. Alsof de natuur zegt: “Oh, jij gelooft er niet in? Dan slaan we jouw straat wel over met die stijgende zeespiegel.” Het zou wel handig zijn. Helaas houdt klimaatverandering geen rekening met stupidideit.

De feiten zijn niet eens meer subtiel. Ze schreeuwen. Ze klotsen. Ze slaan tegen dijken, tegen ramen, tegen alles wat nog net niet drijft. Maar sommige mensen blijven liever vertrouwen op hun eigen waarneming, beperkt tot wat ze uit het keukenraam zien, dan op decennia aan onderzoek. Want wat is nou betrouwbaarder: een wereldwijd netwerk van wetenschappers, of de temperatuur van je autoruit om half acht ’s ochtends? Een beslagen autoruit kun je tenminste nog zelf waarnemen.

Het is bijna kunst. Een soort mentale acrobatiek. Een olympische discipline in het negeren van alles wat niet in het eigen wereldbeeld past. En eerlijk is eerlijk: die volharding is indrukwekkend. Je zou het er warm van krijgen.

Plaats een reactie