Dat ik niet helemaal goed bij mijn hoofd ben, bleek wel in de eerdere twee delen van deze serie met al mijn irrationele angsten en rare aversies. De rode draad hierbij is het niet uit handen willen geven van controle. En dat uit zich ook in een aantal andere afwijkingen: dwangmatige handelingen, die ik moeilijk kan loslaten. Ik ben soms een beetje een control freak.
Helaas ben ik ook een totale chaoot, waardoor het op één of andere manier onmogelijk lijkt om te voldoen aan de orde en regelmaat waar ik eigenlijk wel heel veel behoefte aan heb. Zo heb ik het liefste een vast plekje voor alles, zowel thuis als op mijn werk. Als een collega de nietmachine steeds op een andere plek zet, blijf ik ‘m hardnekkig terugzetten op de plek waar ik ‘m graag wil hebben. Als mijn vriend de afstandbediening niet op z’n vaste plek teruglegt, leg ik ‘m keer op keer luid zuchtend en passive aggressive oogrollend terug in het mandje waar hij hoort. En toch ben ik zelf constant al mijn spullen kwijt: mijn sleutels, mijn telefoon, allerlei spullen die ik op een handige, logische plek legde zodat ik ze zeker weten zou terugvinden, maar die ik dus niet meer terugvind totdat ik ze per ongeluk tegenkom op een moment dat ik ze niet meer nodig heb.
Ik houd van symmetrie. Maar ook weer niet. Ik kan niet goed uitleggen hoe dat werkt in mijn hoofd, maar als ik bijvoorbeeld een ei nodig heb, kan ik niet 1 eitje uit een doos eieren nemen. Dat moeten er twee zijn, want anders zijn de overgebleven eieren een oneven aantal en kunnen ze niet mooi symmetrisch in het doosje liggen. Maar sieraden moeten asymmetrisch zijn. Ik heb altijd aan de ene hand meer ringen dan aan de andere hand en in het ene oor meer oorbellen dan in het andere. Misschien ben ik daardoor emotioneel zo onevenwichtig.
Voor iemand die op school vreselijk slecht was in wiskunde, heb ik wel een obsessie met cijfers. De volumeknop op mijn tv of autoradio moet altijd ofwel een even getal zijn, ofwel een veelvoud van 5. Er is niets zo irritant als een radio waarbij 10 net te zacht is en 12 net te hard, want ik weiger ‘m op 11 te zetten. Dan maar een gehoorbeschadiging. Wekkers moeten afgaan op hele of halve uren, eventueel om kwart voor of kwart over. Maar er bestaan dus mensen die hun wekker op 06:53 uur zetten ofzo! Wat zijn dat voor psychopaten? Ik zou hier letterlijk van wakker liggen.
Tenslotte is er nog de dwangneurose dat ik alles een miljard keer moet checken. “Heb ik mijn sleutels? Check? Wacht, heb ik ze echt? Oh ja, ik heb ze. Heb ik wel echt goed gecheckt? Jahaaaa, check check dubbelcheck!” Ik twijfel altijd of ik de voordeur op slot heb gedaan, of de auto. Of ik de lichten heb uitgedaan, of ik de handrem erop heb gezet. Na het werk krijg ik het klaar om 3 keer terug te lopen om te kijken of ik de deur ook wel echt op slot heb gedaan.
Maar hier heb ik wat op gevonden. Zodra ik afsluit, zeg ik het hardop tegen mezelf, want als ik het mezelf heb horen zeggen, geloof ik mezelf en vertrouw ik mezelf. “Ja Suzan, je hebt de deur op slot gedaan, dus je hoeft niet meer terug te lopen.” En dat helpt. Mensen kijken me dan wel aan alsof ik ze niet op een rijtje heb, maar gelijk hebben ze, dus ze doen maar.
