Ze hebben er een schaal voor gemaakt.
Geel.
Oranje.
Diep donker rood.
Alsof het weer een verkeerslicht is
dat alleen maar erger wordt.
Ik kijk naar de kaart.
Heel Nederland gekleurd
als een dreigend humeur.
En ik voel het al.
Niet de aankondiging.
Die was van vorige week.
De hitte zelf.
Die is er gewoon al,
ongevraagd,
alsof ze hier altijd al woonde.
Mijn hart doet iets
dat niet helemaal klopt.
Een soort paniek
die niet meer hoeft te wachten
op iets dat nog moet beginnen.
Het is al begonnen.
Maar ik blijf kalm.
Of nou.
Ik doe alsof.
Ik schenk een stevige borrel in.
Niet uit dorst.
Meer uit overlevingsdrang,
verpakt als gewoonte.
En kijk.
Het helpt.
Het lost niks op,
maar het voelt heel even
alsof ik de regie heb.
Alsof code oranje
iets is
dat je kunt counteren
met iets uit een fles.
Buiten is het al geel,
al oranje,
straks waarschijnlijk ook nog rood.
Binnen blijft het hetzelfde kleurtje.
Het kleurtje van: ik red me wel,
terwijl ik stiekem
de weerapp nog een keer check.
