Vandaag staat er een binnenlandse vlucht op de planning, van Bergen naar Kristiansand. Met bus of trein zou het een stuk minder stressvol zijn, maar dat duurt ook 7 keer zo lang, dus laat maar.
Veel verschil met een internationale vlucht is er niet. We hoeven wat minder meters af te leggen op de vluchthaven, maar voor de rest is het dezelfde ellende.
Het begint al bij het inpakken. Ik deel een koffer met Ik Was In Haren. Hij pakt in met een precisie alsof hij een speciaal inpak-examen moet afleggen, ik pleur mijn spullen er lukraak bovenop. De koffer blijkt te zwaar, er moeten spullen overgeheveld worden naar een rugzak en uiteindelijk hebben we geen flauw idee meer wat waar in zit. Eigenlijk maakt dat ook niet uit, want als we pech hebben (en dat hebben we vaak) halen ze onze bagage bij de controle toch volledig overhoop.
Als we na het anderhalf uur durende inpakritueel beide nog 3 keer ‘voor de zekerheid’ zijn gaan plassen, kunnen we eindelijk vertrekken.
Het is relatief druk op de luchthaven. Dat houdt in Bergen in dat er ongeveer 35 personen voor ons in de rij staan. Tot onze grote verbazing worden we niet gecontroleerd. Alles gaat net iets te gemakkelijk. Het voelt erg onnatuurlijk.
Dan begint het wachtritueel. Het wachten duurt net als bij een internationale vlucht dubbel zo lang als de vlucht zelf. Ik Was In Haren sluit zich af van de realiteit en speelt een game op zijn tablet, afgewisseld met buitensporig veel toiletbezoeken. Ik kijk naar mensen, verbaas me over mensen, erger me aan mensen en lach om mensen, terwijl ik slokjes van mijn verl te dure cola neem om mijn maag te kalmeren en velletjes van mijn vingers bijt van de zenuwen.
In mijn hoofd bereid ik me alvast voor op het gerammel en gehobbel van het vliegtuigje dat buiten al klaar staat en te klein lijkt om serieus genomen te worden. Ik weet nu al dat ik weer doodsangsten ga uitstaan en dat Ik Was In Haren weer gaat doen alsof hij me begrijpt en met me mee leeft.
Er is wel 1 heel belangrijk verschil met andere keren dat ik in Bergen op een vlucht zat te wachten waardoor het allemaal minder eng en veel leuker is. Normaal zou ik net afscheid hebben genomen van Ik Was In Haren en zou ik nu zitten te huilen, terwijl andere reizigers me vol medelijden aanstaren. Nu kan ik mijn angst fijn kwijt bij iemand die weliswaar niet luistert als ik praat, maar er toch voor me is. En we vliegen samen naar een plek waar de zon iets meer schijnt.
