Ze zeggen dat het Hantavirus weer rondwaart,
dat er “scenario’s op tafel liggen”,
dat men “voorbereid wil zijn”.
Ik knik.
Eindelijk eens beleid waar ik iets aan heb.
Want stel je voor:
een land dat tot stilstand wordt gemaand.
Buren die hun barbecue moeten uitzetten
en voor het eerst in hun leven
hun eigen adem horen.
Kinderen die binnen blijven
en ontdekken dat stilte geen straf is
maar een zeldzaam huisdier.
Ik schenk mezelf een borrel in.
Een royale.
De soort die je uitschenkt
als je weet dat de wereld even ophoudt
met tegen je aan leunen.
Ik zie het al voor me:
straten die klinken als zondag,
banken die klinken als vakantie,
hoofden die eindelijk eens
helemaal niet klinken.
Alleen ik nog wakker,
luisterend naar het mooiste geluid
dat dit land ooit heeft voortgebracht:
collectieve gehoorzaamheid.
Laat die lockdown maar komen.
Laat de overheid maar besluiten.
Laat iedereen maar binnen.
Ik ben er klaar voor.
Ik was er al jaren klaar voor.
En ik hef mijn glas
op de enige maatregel
waar ik werkelijk van opknap:
een land dat eindelijk zijn mond houdt.
