Het valt IWIH op dat jongeren zich steeds gewelddadiger gedragen in videogames. Vrijwel iedere avond worden er digitale steden verwoest, complete legers uitgeroeid en medespelers zonder enige vorm van proces geëxecuteerd. Het geweld heeft inmiddels een niveau bereikt waarvan een redelijk mens zich mag afvragen waar het eigenlijk vandaan komt.
Volgens IWIH hoeven we daarvoor niet lang te zoeken. Wie tegenwoordig een willekeurige dag doorloopt, wordt vrijwel onafgebroken blootgesteld aan geweld. Het journaal opent met oorlogen, raketaanvallen en bombardementen. Op sociale media verschijnen filmpjes van vechtpartijen sneller dan filmpjes van katten. In de grote steden lijkt iedere week wel iemand te worden neergestoken vanwege een conflict dat vroeger hooguit eindigde in een boze brief of een passief-agressieve opmerking tijdens een buurtbarbecue. Jongeren groeien op in een wereld waarin geweld voortdurend aanwezig is en volwassenen blijkbaar geen enkele moeite doen om daarin een beetje terughoudendheid te betrachten.
Dat heeft gevolgen. Kinderen leren immers door observatie. Dat is al generaties lang bekend. Wanneer volwassenen dagelijks laten zien dat problemen kunnen worden opgelost met raketten, messen, knuppels of een collectieve vechtpartij op een parkeerplaats, moeten we niet verbaasd zijn dat jongeren die lessen meenemen naar hun digitale omgeving. Een kind dat overdag beelden ziet van oorlog en straatgeweld, gaat ’s avonds geen virtuele volkstuin beheren. Dat zou pedagogisch gezien zelfs vreemd zijn. De gemiddelde zestienjarige krijgt tegenwoordig meer voorbeelden van geweld voorgeschoteld dan van fatsoenlijk conflictbeheer. Vervolgens kijkt men verbaasd op wanneer hij in een online spel besluit om drie dorpen plat te branden en een tank door een ziekenhuis te rijden.
De oplossing ligt volgens IWIH dan ook voor de hand. Als geweld op straat leidt tot geweld in videogames, moet de bron worden aangepakt. Verbied oorlogen. Verbied rellen. Verbied steekpartijen. Verbied straatgeweld. Zorg ervoor dat volwassenen eindelijk eens het goede voorbeeld geven.
Pas daarna heeft het zin om jongeren aan te spreken op hun gedrag in videogames. Het is immers onrealistisch om van een zestienjarige te verwachten dat hij zich in een online spel vreedzaam gedraagt, terwijl volwassenen elkaar in de echte wereld nog steeds met opmerkelijke regelmaat beschieten, bombarderen of neersteken. Tot die tijd blijven gewelddadige videogames vooral wat ze altijd al zijn geweest: een afspiegeling van onze samenleving.
